Schrijven voor Google is een zinvolle bezigheid: websites met goede en geoptimaliseerde content winnen het in de zoekmachines uiteindelijk altijd van slechts technisch geoptimaliseerde websites. Vindbaar zijn betekent barrières verwijderen en aansluiten bij wat mensen doen – ook voor redacties.
Tagarchief: gebruikers
Vier manieren om meer omzet te boeken bij bestaande klanten
Hoe verdien je meer geld aan bestaande klanten? Dat is een vraag die niet alleen veel uitgevers bezighoudt. Op het congres Thuiswinkelupdate 2009 gaf Niki van Wijk, VP e-commerce bij Transavia.com, een kijkje in de keuken van de vliegmaatschappij. Het was voor mij een hoogtepunt van de dag: het verhaal was goed, de presentatie glashelder en to-the-point.
Guardian Open Platform: geven om te ontvangen
Enkele maanden geleden noemde ik in een Publishr-post al het Open Platform van de Britse krant The Guardian. Deze krant besloot begin dit jaar alle content beschikbaar te stellen voor derden via een content API. Een verwant project is de Guardian Datastore, waarin ruwe data van The Guardian beschikbaar zijn voor (her)gebruik.
Opgeslagen onder Blog, Online publishing
Sociale netwerken versterken hun positie als contentplatform
Sociale netwerken nemen steeds vaker de plaats in van aparte weblog- en fotowebsites en zijn het dominante platform geworden voor het creëren en delen van content, zo blijkt uit internationaal vergelijkend onderzoek van Universal McCann onder 22.729 actieve internetgebruikers, mensen die dagelijks online zijn. Lees verder
Opgeslagen onder Blog
Twitter: de stand van zaken
Twitter is een fenomeen, maar is onderhevig aan wetten die voor veel eerdere online trends golden. Dat maakt het natuurlijk niet minder interessant, maar ook hier geldt dat een relatief piepkleine groep (zeer) actief gebruikmaakt van de dienst, terwijl een aanzienlijk deel afhaakt kort nadat men zich heeft aangemeld.
HubSpot bracht de ontwikkeling van Twitter in beeld in het rapport The State of the Twittersphere. Het aantal twitteraars is in het afgelopen jaar geëxplodeerd. In 2008 kwamen er vijf- tot tienduizend twitteraars per dag bij, in 2009 loopt dat zo snel op dat het noemen van een percentage niet zinnig is: de dag erna is het alweer achterhaald. Zo is tussen november 2008 en januari 2009 het aantal twitteraars meer dan verdubbeld en over het hele jaar verachtvoudigd.
Slapende twitteraars
Van alle 4,5 miljoen gebruikers waarvan HubSpot gegevens gebruikte, had ruim 9 procent minder dan tien volgers en minder dan tien vrienden en minder dan tien updates. Deze zijn door de onderzoekers bestempeld als inactief. Blijkbaar zijn veel mensen gaan twitteren als gevolg van de hype, zonder er echt veel moeite voor te willen doen. In het rapport uit 2008 stond te lezen dat 80 procent een biografie had bij haar/zijn twitteraccount, een jaar later is dat nog maar 24 procent. Onder actieve twitteraars is dit percentage beduidend hoger.
Gekwetter
Minder dan een derde van de twitteraars noemt een thuislocatie op zijn Twitteraccount. De plaats die het meest voorkomt in de profielen, is Londen, gevolgd door USA, San Francisco en New York. Twitter lijkt vooral gebruikt te worden voor afleiding op het werk. In het weekend is het aantal tweets (berichten op Twitter) veel lager dan doordeweeks: ongeveer 580 duizend op zaterdag – de rustigste dag – tegenover 850 duizend op de donderdag. Tussen twee en vijf ’s middags wordt veel getwitterd, ongeveer 240 duizend tweets per uur. De echte piek ligt echter ’s avonds: zo’n 260 duizend tweets worden verstuurd tussen tien en elf uur.
Volgen en gevolgd worden
Wanneer het aantal twitteraars dat de gemiddelde gebruiker volgt wordt afgezet tegen het aantal dat hen volgt, scoort de gemiddelde gebruiker 0,77. Er wordt dus over het algemeen meer gevolgd door gebruikers dan dat mensen hen volgen. De overgrote meerderheid van de gebruikers volgt maar een klein aantal mensen. Duizend van de 3,5 miljoen onderzochte twitteraars volgen 500 mensen. Een hoop leeswerk, wanneer in gedachten wordt gehouden dat de gemiddelde twitteraar ongeveer een maal per dag schrijft. Er zijn slechts enkele zonderlingen die meer dan negenduizend mensen volgen.
Foto: Sergey Yeliseev
Commissie-Brinkman: oogkleppensubsidie
Volgens het vandaag verschenen rapport van de Commissie-Brinkman moet de overheid de (dagblad)pers subsidiëren met geld van internetgebruikers. Is dat niet hetzelfde als steun voor de stoombootsector op te laten brengen door vliegtuigpassagiers? Of kopers van Tupperware belasten ten bate van de rietenmandenproductie? Lees verder
Opgeslagen onder Blog
Online marktplaats: werken aan vertrouwen
Een betere weergave van de producten op een online marktplaats werkt versterkend op de waargenomen betrouwbaarheid van kopers. Hetzelfde geldt voor de mogelijkheid om verkopers persoonlijk te ontmoeten. Hierbij kunnen intermediairs ook een belangrijke rol spelen door verkopers op hun elektronische marktplaats te stimuleren de productweergave en het ontmoeten van kopers te verbeteren. Lees verder
Opgeslagen onder Blog
Google StreetView: 3 handige toepassingen
Het verwijt wordt vaak gemaakt: Google parasiteert op het werk van contentmakers zoals journalisten. Dit geldt uiteraard voor de zoekmachine, maar ook voor Google Nieuws en in mindere mate Gmail. Voor Google StreetView geldt het tegenovergestelde: al sinds 2007 voegt men actief straatbeelden toe aan de plattegronden van Google Maps. Een megaproject waarvoor er auto’s met camera’s rondrijden van San Francisco tot Miami en van Birmingham tot Tokio.
What are you doing? Profiteren van status updating
Uit een rapport van het Amerikaanse Pew-instituut blijkt dat steeds meer mensen zichbezig houden met status updating: op allerlei online platforms laat men weten waar men mee bezig is. Dat biedt contentbeheerders een mooie kans voor het verspreiden van hun content naar nieuwe doelgroepen.
Twitter is de grootste stand-alone toepassing waarmee men contacten op de hoogte houdt met status updates. Door de veelvuldige media-aandacht van de afgelopen maanden (zie ook hier, hier en hier) beleeft de dienst momenteel zijn Nederlandse doorbraak. Maar er zijn tientallen andere sites en netwerken waar status updating ter zake doet:
- Op Hyves heb je de rubriek wie-wat-waar
- Op Facebook kun je laten zien wat je doet, leest, luistert en aanbeveelt.
- Plaxo en FriendFeed bestaan bij de gratie van status updates
- Uiteraard zijn er ook nog de instant messaging-services zoals MSN die je de gelegenheid geven om een frase aan je profielnaam toe te voegen.
What are you doing?
De tagline van Twitter, dat overigens nog nauwelijks geld verdient, is ‘What are you doing?’. Zo eenvoudig is het dus! Twitter heeft handig geanticipeerd op het nieuwe digitale netwerken. Het wordt toegepast door jongeren, die zo vertrouwd zijn met de digitale wereld dat de privacy-huiver en de scheiding tussen werk en privé van andere generaties hen vreemd is.
Nearly one in five (19%) online adults ages 18 to 24 have ever used Twitter and its ilk, as have 20% of online adults 25 to 34. Use of these services drops off steadily after age 35 with 10% of 35 to 44 year olds and 5% of 45 to 54 year olds using Twitter. The decline is even more stark among older internet users; 4% of 55-64 year olds and 2% of those 65 and older use Twitter.
(Twitter and Status Updating, p.2)
Contentleverancier
Als contentleverancier op zoek naar een zo groot en relevant mogelijk lezerspubliek kun je eenvoudig en gratis op deze trend inspelen. Status updaters in het algemeen en Twittergebruikers in het bijzonder zijn de ideale gebruikers van online en mobiele content:
Twitter users engage with news and own technology at the same rates as other internet users, but the ways in which they use the technology – to communicate, gather and share information – reveals their affinity for mobile, untethered and social opportunities for interaction.
(Twitter and status updating, p.5)
Status updaters consumeren echter niet alleen content, ze produceren het ook. Met hun regelmatige updates via de genoemde media kunnen zij een buitengewoon krachtige springplank vormen voor allerlei vormen van content, van krantenartikelen tot filmpjes. Uiteraard is het mogelijk om (bijvoorbeeld via Twitterfeed) al je content automagisch op Twitter te laten verschijnen. Wanneer echter twitteraars in hun ’microblogs’ linken naar de content uit je publicatie, werkt dat vele malen beter: mond-tot-mond is nog steeds de meest effectieve vorm van reclame.
Twitter voor contentspecialisten
Wat staat contentspecialisten dus te doen? Start vandaag nog een twitter-account en begin te vertellen waar je mee bezig bent. Bouw een netwerk van relevante contacten op en link in je berichten genereus naar artikelen van anderen die je de moeite waard vindt. Link ondertussen in je bericht naar je eigen content, liefst via een statistiekentoepassing, zodat je weet wie je bericht gelezen hebben.
Vluchtigheid
‘You market to a parade, not to a standing army’. Die marketingwijsheid moet in het achterhoofd blijven bij het gebruikmaken van status updates. De vluchtigheid van het medium is iets om rekening mee te houden. Je kunt er zelfs van profiteren, zo wordt betoogd in een recent bericht op de weblog Fuel interactive.
Opgeslagen onder Blog
Crowdsourcing Obama met PhotoSynth
Al enige tijd weet CNN succesvol verhalen, foto’s en filmpjes van ‘burgerjournalisten’ in te passen in de programmering. Dagelijks verschijnen deze in de verslaggeving, zowel zelfstandig (in een speciale rubriek) als geïntegreerd in de reguliere berichtgeving. De website iReport is het platform voor dit fantastische crowdsourcing-initiatief.
De energie van de massa
Als je het over crowdsourcing hebt, is het onmogelijk om vandaag niet aan Barack Obama te denken. Wist hij met zijn campagne de individuele energie van de ‘crowd’ al in te zetten, vandaag probeert CNN daar ook een graantje van mee te pikken. CNN roept op tv en online alle bezoekers van de presidentiële inauguratie op ‘to capture the moment‘ en werkt daarvoor samen met een ander interessant stukje techniek: Photosynth van Microsoft. Deze dienst (die helaas alleen draait in Microsofts eigen browser op Microsofts eigen platform) geeft gebruikers de kans om uit tientallen of honderden foto’s een driedimensionaal beeld te creëren. Dus als iedereen die aanwezig is op het moment van de eedaflegging (12.00 uur in Washington, 18.00 uur in Nederland) een foto maakt, ontstaat er een gigantisch driedimensionaal tableau. Ik ben benieuwd!
Update 1: Obama lijkt voor zijn regeringsbeslissingen ook gebruik te willen maken van crowdsourcing, meldt de Financial Times
Update 2: Goede ideeën komen altijd op meer plaatsen tegelijk boven water: ik had deze blogpost niet gezien voordat ik bovenstaande stukkie schreef.

